Over

Rob Hammink

Rob Hammink

Vele jaren, vele reizen en honderdduizenden onherbergzame kilometers liggen achter me. En hoezeer ik de jongensachtige nieuwsgierigheid de laatste 25 jaar als journalist voor De Telegraaf ook voedde met vreemde culturen, in de verre uithoeken van die steeds kleiner wordende wereld, hoe meer ik besefte dat mensen in feite overal hetzelfde zijn. Mongolië, Noord Korea, Castro’s Cuba, Rusland, Argentinië. Je hebt overal egoïsten, domoren, lieve en behulpzame mensen. Je hebt overal criminelen en directe afstammelingen van de Heiland, als je ze op hun woord mag geloven. Er is overal eenzaamheid en er zijn overal gevaren. Ook is er overal warmte. Ik zal nooit vergeten hoe ik tijdens een fietstocht over de bevroren Lenarivier werd onthaald door een oude vrouw. Het was -50C. Ze bood haar houten huisje aan als slaapplaats en duwde haar hond naar voren als kruik. Natuurlijk zijn de geuren op straat in Azië anders dan die in het voormalige Oostblok. Sommige landen hebben bijna geen straten, zoals Mauritanië, die eindeloze zandbak waar ik met een motor doorheen ploeterde onderweg naar Lac Ros, het magische meer bij Dakar.

Ze zeggen weleens: reizen maakt de mens. Dat is waar, maar niet helemaal. De mens maakt vooral zichzelf en dat kan ook op een mooie manier als je goed kijkt naar het geboortedorp of de stad waar je naar school ging is. Een ieder gaat anders om met de groei die reizen in potentie biedt. Mijn 84-jarige grootmoeder reisde via de magazines die ze kreeg van haar dochters. Ze verhaalde met passie over verre oorden die ze nooit echt had gezien. Het zegt veel over haar kleurrijke en vooral dankbare geest. Ik ben gaan twijfelen aan de zin die ik vaak gebruikte: the world is my playingfield and journalism is my game. De wereld heeft vele gezichten en het leven trekt zijn grimas. Een mooi mens is het mens dat dankbaar is, ondanks en dankzij alles wat er op zijn reis voorbij komt.